Jets

Praktisch advies in rare tijden

Twee vragen over de NOW


De overheid is vlot met het toekennen van subsidies vanuit de NOW; goed nieuws voor ondernemers die de bodem van de bankrekening in zicht zagen komen. We kregen twee vragen die voor meer mensen van belang kunnen zijn.

Hopen op een kneitergoede zomer

Een horeca-ondernemer blijft hoop houden op een versoepeling van de maatregelen en omdat het advies is geen buitenlandse vakanties te boeken, voorziet hij eigenlijk een heel goed seizoen – wanneer hij weer open mag. Nu is zijn zaak helemaal gesloten en hij heeft voor zijn personeel dan ook subsidie vanuit de NOW-regeling gevraagd. Omdat hij helemaal geen omzet heeft, is zijn vergoeding hieruit 90% van zijn complete loonsom.Hij vraagt zich af hoe een ‘afrekening’ er straks uit gaat zien.

Dit bedrijf heeft ervoor gekozen om de referteperiode april-mei-juni te kiezen. Dat is een van de drie opties; de andere mogelijkheden zijn maart-april-mei en mei-juni-juli. Het is belangrijk de periode te kiezen waarin je de grootste omzetdaling verwacht – en ja, dat is een gokje. Voor deze strandtent geldt uiteraard dat hij in juli meer omzet zou draaien dan in april, maar de ondernemer rekent erop dat de horeca dan weer open mag zijn.

Om aan te tonen wat zijn omzet vorig jaar was, heeft hij de jaaromzet gedeeld door 4, en is zijn omzetverlies nu dus 100%; de grond waarop hij 90% loonsubsidie uit de NOW-regeling vraagt. Achteraf zal hij de ontvangen subsidie moeten verantwoorden. Daarvoor wordt gekeken naar de werkelijke omzet in de periode waarover subsidie is ontvangen, in relatie tot een kwart van de totale omzet van 2019. Stel dus dat er in april en mei geen omzet wordt behaald, maar in juni wel, dan worden deze drie maanden vergeleken met 2019, en dan wordt de procentuele omzetdaling bepaald. Wat er buiten deze periode aan omzet wordt behaald, wordt niet mee berekend.

Min-max contracten

Veel ondernemers in de toeristische sector en de horeca werken met min-max contracten. Zo ook een ondernemer die een aantal contracten heeft voor minimaal 12 uur en maximaal 20 per week. Januari is voor deze ondernemer een zeer rustige maand, en het personeel krijgt die maanden dan ook maar 12 uur per week betaald. Voor hen is de peilmaand voor de loonsom, januari, dan ook niet gunstig. Kan deze ondernemer ook november aanmerken als peilmaand voor de loonsom, wanneer er gemiddeld 18 uur per week uitbetaald is?

Het voorschot wat de ondernemer in het kader van de NOW kan ontvangen als subsidie van de loonsom is drie maal de loonsom over (in principe) januari. Als het UWV geen gegevens heeft over januari, wordt gekeken naar november 2019. Het is dus niet zo dat de ondernemer mag kiezen welke maand als referentie gebruikt wordt. Ook als de loonkosten in januari lager zijn, leidt dat niet tot een hogere subsidie vanuit de NOW.