Jets

Praktisch advies in rare tijden

Culturele instellingen


De bibliotheek, de kunstuitleen, de jeugdsoos, de VVV, de speeltuin, een kinderboerderij, een poppodium: allemaal culturele activiteiten die nu stilliggen door de maatregelen rondom het corona-virus.

Dit soort instellingen zijn vaak voor een groot deel afhankelijk van subsidies vanuit het rijk en de gemeente. Tegenover die subsidies staan dan vaak weer prestatie-afspraken; een aantal mensen wat bereikt moet worden, een aantal optredens dat verzorgd moet worden; heel uiteenlopend en niet vergelijkbaar.

Komen deze instellingen nu wel of niet in aanmerking voor de regelingen die de overheid heeft voor ondernemers?

De ondersteuningsmaatregelen van de rijksoverheid hebben allemaal als voorwaarde dat sprake is van omzetverlies, terwijl er wel kosten gemaakt worden. Voor personeel, voor het betalen van huur en andere vaste lasten, en dergelijke. Geen omzetverlies (of omzetverlies dat valt onder de gestelde grens van 20%) betekent dan geen aanspraak op de regeling.

De culturele instelling moet dus eerst kijken naar wat er wegvalt. Dat is voor een organisatie die vrijwel geheel op subsidies draait vaak minder dan 20% van de hele omzet. Er tenminste van uitgaand dat subsidies niet ingetrokken worden. Dat je als culturele instelling niet kan voldoen aan je prestatie-afspraken, dat is logisch – je bent immers verplicht gesloten. De minister heeft in een kamerbrief al aangekondigd dat de Rijksoverheid hiermee soepel zal omgaan en roept gemeentes op hetzelfde te doen.

Heb je als culturele instelling meer dan 20% omzetverlies – bijvoorbeeld een poppodium dat nu gesloten is en 50% van de inkomsten haalt uit de verkoop van kaartjes voor concerten – dan kan je wel (voor het personeel) aanspraak maken op de NOW regeling en wellicht op de TOGS regeling om eenmalig € 4.000,- te ontvangen. Voor dat laatste geldt wel een beperking: je mag sinds 2018 niet meer dan €200.000,- aan subsidies hebben ontvangen.