Jets

Praktisch advies in rare tijden

Corona en Detachering


Een detacheringsovereenkomst is een apart soort arbeidsovereenkomst, waarbij drie partijen betrokken zijn: de detacheerder, de inlener en de werknemer. De werknemer is in dienst bij de detacheerder. Die detacheerder heeft een overeenkomst met de inlener. De inlener leent de werknemer in. Er is geen arbeidsovereenkomst tussen de inlener en de werknemer, wel een arbeidsverhouding. De werknemer werkt immers onder het gezag van de inlener. De inlener moet de ingeleende werknemer net zo behandelen als een werknemer die wel in dienst is van de inlener.

Zo’n constructie is soms het doel van de arbeidsovereenkomst tussen de werknemer en de detacheerder. De detacheerder is dan meestal een detacheringsbureau. Soms gebeurt het dat de werknemer eerst een aantal jaar voor zijn werkgever werkt en dan vanuit zijn eigen werkgever gedetacheerd wordt. Omdat een klant graag een dag of een paar dagen per week iemand met werknemers kennis in huis wil hebben. Of omdat de werknemer niet meer bij de eigen werkgever kan werken, bijvoorbeeld omdat hij gedeeltelijk arbeidsongeschikt is geraakt. In die laatste gevallen wordt de eigen werkgever de detacheerder en is de detachering vaak tijdelijk. Is er nu door de corona-maatregelen geen werk voor de gedetacheerde? Wat dan?

Er is een aantal mogelijkheden. Uitgangspunt is de omschrijving van de opdracht in de detacheringsovereenkomst. Dit kan namelijk al omschreven zijn als ‘voor de duur van het project’. Als dat zo is, en het project stopt door de corona-maatregelen, dan mag ook de detachering stoppen. Als in de detacheringsovereenkomst daarover niets is opgenomen, blijft de overeenkomst doorlopen. Uiteraard loopt dan ook de betalingsverplichting van de inlener aan de detacheerder door. Betreft de detachering werkzaamheden die door de corona-maatregelen (nu) niet uitgevoerd kunnen worden, maar die de inlener op een later moment wel uitgevoerd wil zien? Dan moeten detacheerder en inlener daar goede afspraken over maken.

Als de werknemer door zijn werkgever een paar dagen per week is gedetacheerd naar een klant, of als de werknemer via detachering op proef bij een andere werkgever werkt om te onderzoeken of hij die functie aankan, dan valt de werknemer terug op zijn ‘oude’ werkgever als de detacheringsopdracht stopt. Afhankelijk van de situatie moeten werkgever en werknemer afspraken maken over de inzet van de werknemer. Misschien kan hij weer zijn volle arbeidsduur voor de eigen werkgever werken. Bij detachering wegens arbeidsongeschiktheid of iets dergelijks is dat meestal geen optie. In elk geval houdt de werknemer recht op loon, het feit dat er geen werk voor hem is, is een werkgeversrisico. Uiteraard kan de werkgever proberen afspraken te maken met het bedrijf waar de werknemer gedetacheerd was. Of daar mogelijkheden voor zijn, is afhankelijk van de detacheringsovereenkomst tussen de beide bedrijven.

Als de werknemer in dienst is bij een detacheringsbureau geldt ook dat zijn contract met dat bureau gewoon doorloopt. Zelfs als de opdracht stopt. Of er op dat moment een nieuwe opdracht voor de werknemer is, is natuurlijk de vraag. Vaak kent de arbeidsovereenkomst tussen de werknemer en het detacheringsbureau een regeling voor ‘bankzitten’.

Ben ik wel gedetacheerd?


Soms staat boven een contract ‘detacheringsovereenkomst’, maar is het dat helemaal niet. Dat is het geval als er in het contract een zogeheten uitzend-beding staat. Dat is een beding waardoor de inlener de overeenkomst onmiddellijk kan beëindigen als er (bijvoorbeeld) geen werk is voor de ingeleende werknemer.

De duur van zo’n uitzendbeding is meestal minimaal 26 weken en in de ABU en de NBBU cao (de meest gebruikte cao’s voor de uitzendbranche) verlengd tot 78 weken. In die periode kan de opdracht elk moment beëindigd worden.